Westduinpark/Kop van Zuid

Het zal vast niemand ontgaan zijn: het is warm. Hoewel de dagen langzaam weer korter worden, voelt het nog steeds als hartje zomer. Die hoge temperaturen maken het een zeer geschikte tijd om in de avond nog buiten te fotograferen. Het is dan koeler en het licht is een stuk zachter.
Pasgeleden zijn er in het Westduinpark nieuwe kalfjes geboren. Die roodbruine poeperds wilde ik graag vastleggen voordat ze volwassen worden. Ik ben ’s avonds, iets voor zonsondergang, op zoek gegaan naar de grote grazers. Zou ik weer net zo veel geluk hebben als de vorige keer dat ik ze zocht?

IMG_0926

Ja dus. Een groep volwassen koeien stond met twee kalfjes bij hun favoriete meertje aan de Laan van Poot. Helaas belemmerde een hek mij om ze echt van dichtbij te fotograferen, en door de hoge begroeiing konden ze zich goed verbergen. Bovendien was ik niet de enige…IMG_0944

Ik hield het al snel voor gezien. Toen ik weer de duinen inliep herinnerde ik me een andere plek waar de koeien graag vertoeven. Bij een waterpomp in de buurt van een groot veld staat de kudde vaak te drinken of te rusten. De zon begon al te verdwijnen, dus gehaast liep ik erheen. Mijn vermoeden bleek te kloppen, want vlak langs het pad stonden twee grazers: een moeder en een zoontje. Ze waren niet bang, en terwijl mams mij nauwlettend in de gaten hield kon ik het kalf bijna aanraken.IMG_0963IMG_0968 Na een poos besloot moeder dat ik wel genoeg had geschoten. Ze liep rustig richting de bescherming van het struikgewas terwijl het kalfje snel achter haar aan huppelde. De zon ging onder, de nacht viel.IMG_0973IMG_0986

Ik liep terug richting het strand waar mijn fiets geparkeerd stond. De zomer doet mooie dingen met de lucht.IMG_0992

Als bonus nog een paar foto’s die ik in de buurt van het Nederlands Fotomuseum heb gemaakt. Ik kan de tentoonstelling van natuurfotograaf Frans Lanting aan iedereen aanraden.IMG_0863IMG_0867IMG_0871IMG_0872

Advertenties

Gehandicapt in Andalusië

Dit jaar zijn mijn vakantiefoto’s extra bijzonder. Ze zijn allemaal met één hand gemaakt. Niet omdat het kan, maar omdat het moest: mijn linkerhand was gebroken en zat in het gips. Inmiddels ben ik weer bevrijd en kan ik dit met tien vingers typen.

Die linkerhand zat aan het begin van de reis nog niet in het gips door een kneuzige misdiagnose in Nederland. Pas na twee dagen hebben de Spanjaarden een röntgenfoto gemaakt en hem met gips bedekt. Daarvoor zat ik met mijn ene pijnlijke hand nogal te niksen bij ons huisje boven Nerja, een bezigheid waar ik eerlijk gezegd een gruwelijke hekel aan heb. IMG_0593

IMG_0599
Een heterochrome zwerfkat die vaak bij ons zwembad lag, die we Bowie hebben gedoopt

Toen mijn middenhandsbeentje veilig verpakt zat en er een mitella om mijn nek hing, konden we eindelijk wat gaan ondernemen in de brandende Spaanse zon. Málaga, een naam die voor mij een bijklank van zuipende en vretende passagiers van een cruiseschip had, bleek toch een charmante kustplaats te zijn. De geboorteplaats van Picasso heeft een gezellige sfeer (hoewel zo’n Nederlands woord dat eigenlijk niet goed beschrijft) en er is genoeg te zien en te doen. Ik heb op het dak van de kathedraal gestaan, ik ben gelopen door een tropisch park met krijsende parkieten en ik heb aan het Alcazaba en het Picasso museum een bezoek gebracht. En mosselen gevroten. IMG_0635IMG_0630IMG_0632

IMG_0583

De tweede week verlieten we de kust en zijn we meer naar het noorden gereden, naar de provincie Jaén. In Europa zit je niet snel in the middle of nowhere, maar de weg naar het oerlelijke dorp Pozo Alcón leek toch nogal afgelegen. ’s Middags leek het nog wel wat, er was een feest en iedereen zat buiten van paella en sangria te genieten. Maar toen we die avond weer terugkwamen om wat te eten, bleek deze plek in vrolijkheid onder te doen voor Lelystad. Die afgelegenheid had gelukkig ook voordelen. We konden ’s nachts naar een overweldigende sterrenhemel turen terwijl de vleermuizen rakelings langs ons scheerden. Mars, Saturnus en de band van de Melkweg stonden steevast boven de horizon en het aantal vallende sterren per uur was bovengemiddeld. Als de sterren saai werden, kon ik altijd nog gecko’s en bidsprinkhanen gaan zoeken. Van die laatste soort heb ik geprobeerd een mannetje en een vrouwtje aan elkaar voor te stellen (het vrouwtje eet haar geliefde na de daad op), maar voordat het ritueel kon worden voltrokken werden ze verslonden door een hongerige gecko.

IMG_0701
Grotwoningen in Guadix, een stad op de weg van Nerja naar Pozo Alcón
IMG_0710
Plezier in Pozo Alcón

IMG_0768

IMG_0740
Echt waar, dit is Mars

De enige manier om met een hand in het gips mijn conditie op peil te houden, was door hele einden te gaan lopen. Dat kon makkelijk vanuit ons huis, aangezien we op de rand van het grootste beschermde natuurgebied van Spanje zaten. De Sierra Pozo is geen hooggebergte, maar de paden zijn veel ruiger (en niet aangegeven) dan op veel andere plekken in Europa. Het barst er van de stuwmeren, damherten, watervallen, buizerds en steenarenden. Veel van de niet in kaart gebrachte paden zijn zelfs oude Romeinse wegen uit de tijd dat ze Spanje nog in handen hadden. IMG_0803

IMG_0752
Stuwmeer La Bolera. Hier hebben we nog over gekajakt (ik zonder peddel)

IMG_0793

IMG_0781
Castril, een (veel leuker) dorp in de buurt

IMG_0750IMG_0796IMG_0655

Het blijkt dus toch mogelijk te zijn: een leuke vakantie met maar één arm.