Vooruitzicht

Over een week ben ik weg. Ver van Nederland, telefoonverbinding en internet. In het regenwoud in Peru zal ik een stuk minder blogs kunnen schrijven, als dat überhaupt al lukt.
Om alvast in de sfeer van het exotische te komen -en om de gemengde gevoelens van mijn moeder te sussen- zijn we een dag naar Landgoed Hoenderdaell gegaan. Een bijzonder dierenpark in de Noord-Hollandse polder, waar veel verwaarloosde en uitgebuite dieren een goed thuis hebben gekregen. Ook Stichting Leeuw zit er; de grote katachtigen zijn in een ware jaagsimulator te bewonderen. Om hun jachtinstincten te ontwikkelen en hun conditie op pijl te houden rennen ze achter een stuk vlees aan dat met 4 touwen door de ruimte wordt getrokken. Na een tijd kunnen ze dan hopelijk weer naar hun oorspronkelijke leefgebied.
In Hoenderdaell zit ook een grote hoeveelheid vogels, apen en andere zoogdieren. De lori’s van de blauwe bergen vliegen vrij rond in een grote volière. Voor een euro kun je een bakje suikerwater kopen om ze te voeren. Zodra je het bakje opent, beland je in een wervelwind van schel gekrijs en felle kleuren. De lori’s schromen niet om op je hoofd plaats te nemen of in je oor te schreeuwen. Eentje poepte zelfs tot twee keer aan toe over mijn been…

IMG_1089IMG_1069IMG_1064

Ook de kroonkraanvogel liet zich goed fotograferen.IMG_1023

We hebben een hele tijd staan kijken bij de berberapen. Een kleine zat voortdurend achter een groter familielid aan en vloog door de kooi alsof er geen zwaartekracht bestond. Het mag dus een wonder heten dat ik het aapje in deze relaxte positie heb kunnen vastleggen.

IMG_1036

Hoewel het park in omvang een fractie is van bijvoorbeeld Blijdorp, houdt zich er toch een grote hoeveelheid bijzondere soorten op. Soms lopen ze vlak langs je, zoals de pinchéaapjes en de wallaby’s. De alpaca’s en capibara’s deden me alvast vooruitdenken aan Peru. Daar zal ik ze waarschijnlijk vaak in combinatie met aardappelen en rijst aangeboden krijgen. Hoewel ik sommige verblijven in Hoenderdaell aan de kleine kant vond (zoals de kooi van de steppevossen en de twee raven) bedacht ik me dat hun huidige bestaan waarschijnlijk een stuk beter is dan hun vorige leven. Bovendien hadden andere soorten juist weer een enorm oppervlak tot hun beschikking, zoals de hyena’s en de dieren die in het stiltegebied buiten het park vrij rondlopen.

IMG_1010
Steppevosje
IMG_1058
Pinchéaap
IMG_1054
De stokstaartjes, op een armlengte afstand, blijven gaaf

IMG_1053

Tot onze grote verbazing bleken het verblijf van de bruine beren (die voor hun redding in een betonnen bak bij een Sovjet-generaal woonden) en van de Europese wolven via een brede buis met elkaar verbonden. Beide krachtpatsers hadden een tijdje geleden voer gekregen, maar de wolven wilden wel weten of er aan de andere kant wat te snaaien viel. De grootste durfal liep voorzichtig het berenverblijf in en knabbelde wat aan een overgebleven karkas. Al snel kwamen de beren naar zijn idee te dichtbij en hij vertrok weer naar zijn soortgenoten. Maar de bruine dikkerds lieten het daar niet bij en kwamen nu ook bij de wolven op staatsbezoek. Daar lagen nog een hoop peren, die ze zonder veel weerstand begonnen op te slokken. De wolven stonden er wat hulpeloos bij. Plotseling verdwenen drie van de vier beren vlug weer door de buis, op het eerste gezicht zonder enige aanleiding. De overgeblevene, de stoerste of de domste, stond snel oog in oog met een grommende alfavrouw en haar handlangers. Na een indrukwekkend machtsvertoon droop ook deze beer af. Als laatste teken van dominantie betrad de alfabitch nog eenmaal de berenwereld en deed midden op hun land een plas.

qcvobc9ht5jxminus shadows
Met dank aan redditgebruiker beausant, die voor mij vakkundig de draden heeft weggeshopt

Het hoogtepunt kwam op het apeneiland. Al eerder hadden we daar de ringstaartmaki’s gezien die met z’n allen lui op een hoopje van de zon lagen te genieten.

Toen we er voor de tweede keer kwamen was het een drukte van jewelste. De maki’s wisten dat ze gevoerd gingen worden en zaten nerveus bij toeschouwers op de schouders. Toen iedereen vervolgens stukjes appel in zijn hand kreeg, barstte de chaos los. Alsof we bomen waren sprongen ze van mens naar mens, soms met z’n drieën tegelijk. Ze grepen mijn haar, mijn rugtas en mijn neus. Niemand was veilig voor de zwartwitte acrobaten. Toen de appels op waren, keerde de rust weer terug en gingen ze gezamenlijk liggen uitbuiken.




Ringstaartmaki’s zal ik niet tegenkomen in het Amazonewoud. Maar de brutale apen, vogels en andere dieren deden me nog meer vooruitkijken naar de komende vier maanden. Voorlopig zal dit mijn laatste blog zijn. Misschien bevat de volgende een jaguar.